|
Meditatie is zo oud als de mensheid. Er bestaan
vele vormen, die al dan niet ontwikkeld of toegeëigend zijn
door theologische of filosofische scholen. Globaal gezien
bestaan er twee soorten meditatie: de meditatievorm die
concentratie en kalmte (samatha) bevordert en de vorm die
bewustwording of inzicht (vipassana) stimuleert.
Bij concentratie-meditatie probeer je je geest op
één punt te richten, meestal de gewaarwording van de
ademhaling. Maar dit kan ook
een mantra (een speciale klank of tekst die je in stilte
herhaalt), of een visueel object. Alle andere gewaarwordingen
probeer je buiten te sluiten. Door het vernauwde en éénpuntige
bewustzijn kan vrij snel een diepe rust en ontspanning ontstaan.
Mentale stoorzenders hebben geen invloed meer en je wordt
uiteindelijk één met het object van meditatie.
Concentratie gaat zich manifesteren als
onwankelbaarheid. Deze ervaringen van diepe concentratie kunnen
zeer aangenaam. In het dagelijks leven is het echter niet
mogelijk om de diepe concentratie te behouden en kunnen op ieder
moment moeilijk te hanteren gevoelens en emoties ontstaan die de
harmonie verstoren.
Inzichtmeditatie is een meditatietechniek die is ontwikkeld door de
Boeddha. Deze methode wordt tegenwoordig veel in Zuidoost-Azië
beoefend. De Boeddha leefde ongeveer vijfhonderd jaar voor Christus. In die tijd
was er een mondelinge traditie (zijn leerstellingen werden door
monniken gereciteerd), een aantal eeuwen na zijn dood werden de
leerstellingen voor het eerst op schrift gesteld in het Pali.
Het woord 'vipassanna' bestaat uit twee
samengevoegde begrippen uit het Pali. ‘Passana’ betekent
‘zien’ en verwijst naar intuïtief begrijpen van de
werkelijkheid; ‘vi’
betekent ‘op verschillende manieren’ en verwijst naar
verschillende vormen van inzicht,
die ontstaan uit de beoefening van vipassana-meditatie. Vipassana is dus het observeren van de werkelijkheid
in onszelf.
|